NVK voor leden

Verkrijg hier toegang tot exclusieve NVK ledencontent.

NVK Richtlijn laatst update: 10 mrt 2021

Brief Resolved Unexplained Event (BRUE)

De richtlijn Brief Resolved Unexplained Event (BRUE) is ontwikkeld op initiatief van de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK).

Deze richtlijn is tot stand gekomen met ondersteuning van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten en met financiële steun van SKMS (Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten) gelden.

Voorzitter van de werkgroep:

  •  Dr. B.A. (Ben) Semmekrot, kinderarts-neonatoloog, werkzaam in het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis (CWZ), Nijmegen
     

Op initiatief van
NVK


Datum publicatie
juni 2021
 

Status
Geautoriseerd door het NVK bestuur op 10 maart 2021

 

Eerste handeling

Indien nodig: stabiliseer het kind: is het ABC-stabiel? Stel vervolgens vast of sprake is van BRUE of van een ander incident. Verricht volledige anamnese en lichamelijk onderzoek. Indien sprake is van BRUE: stel vast of het een laagrisico (leeftijd > 60 dagen; geboorteleeftijd > 32 weken en postconceptionele leeftijd > 45 weken; eerste BRUE; geen reanimatie door experts; geen bijzonderheden in de familieanamnese, zoals SIDS, LQTS of aandoeningen die zich als zodanig kunnen manifesteren) dan wel hoogrisico BRUE (overige BRUE die niet aan laagrisico kenmerken voldoen) betreft. Maak voor classificatie gebruik van het stroomschema.

In dit document worden de volgende definities gehanteerd:

Een BRUE is een gebeurtenis bij een kind onder het jaar, omschreven door aanwezige (n) als zijnde van korte duur (< 1 min), waarbij het kind nadien weer als vanouds is. Het incident wordt gekenmerkt door één of meer van de volgende symptomen: 1) cyanose of bleekheid, 2) afwezige, verminderde of irregulaire ademhaling, 3) verandering in tonus, hypo-/hypertonie en 4) verandering in bewustzijn.

Het incident mag alleen een BRUE genoemd worden indien volledige anamnese en lichamelijk onderzoek door een medicus geen verklaring en geen alarmsymptomen oplevert.

 

De incidentie van een BRUE bedraagt naar schatting ongeveer 0,6 per 1000. Een BRUE is onschuldig van karakter. De prognose van een kind dat een BRUE heeft doorgemaakt is over het algemeen gunstig.

De differentiaal-diagnose bij BRUE omvat naast collaps na vaccinatie, verslikincident, convulsie bij koorts ook andere diagnosen zoals infectie, gastro-oesofageale reflux, epilepsie, cardiale ritmestoornis, KNO-problematiek, metabole zaken, kindermishandeling en intoxicaties.

Classificeer kinderen met de BRUE-criteria om onnodige diagnostiek en opname te voorkomen en maak daarbij onderscheid tussen laagrisico en hoogrisico BRUE.

Wanneer een kind een BRUE heeft doorgemaakt en voldoet aan de laagrisico criteria:

  • Overweeg kinkhoestdiagnostiek (afhankelijk van de immunisatie-status van de patiënt en mogelijke blootstelling aan kinkhoest).
  • Verricht een ecg.
  • Verricht continue pulse-oximetrie gedurende 1-4 uur en herhaal lichamelijk onderzoek na deze korte observatie.

Wanneer een patiënt een hoogrisico BRUE heeft doorgemaakt en voldoet aan de hoogrisico criteria:

  • Neem kinderen met een hoogrisico BRUE laagdrempelig op met als doel: monitorobservatie (cardiorespiratoire monitoring en saturatiemeting) en gedetailleerd in kaart brengen van het event.
  • Overweeg kinkhoestdiagnostiek (afhankelijk van de immunisatie-status van de patiënt en mogelijke blootstelling aan kinkhoest).
  • Verricht een ecg.
  • Verricht verder alleen gericht aanvullend onderzoek.
  • Schakel indien nodig aanvullende expertise in.

Wanneer een patiënt een incident heeft doorgemaakt dat niet voldoet aan BRUE-criteria:

  • Noem het incident geen Apparent Life-Threatening Event (ALTE), maar formuleer een werkdiagnose.
  • Beleid afhankelijk van de werkdiagnose, valt buiten de scope van deze richtlijn

In principe is bij een laag of hoog-risico BRUE geen therapie noodzakelijk. Indien er bij een hoog-risico BRUE een onderliggende verklaring wordt gevonden voor het doorgemaakte incident dient eventuele therapie hierop toegespitst te zijn.

De kans op overlijden na een BRUE lijkt niet groter dan de basiskans op overlijden bij kinderen < 1 jaar.

Gelet op de mortaliteit en (ernstige) morbiditeit lijkt de BRUE classificatie een goed onderscheid te maken tussen laag- of hoogrisico BRUE kinderen.

Verantwoordelijke samenvatting
Deze samenvatting werd ontwikkeld door:

  • Dr. B.A. (Ben) Semmekrot
  • Dr. T.P. (Tim) Kelder
  •  

Versieinfo samenvatting
Deze NVK samenvatting is gemaakt in juni 2021

  • Bespreek in het geval van klinische opname van tevoren het doel van de opname en de te verwachten opnameduur met de ouders.
  • Expliciteer wie na het doormaken van een (laag- dan wel hoogrisico BRUE) contactpersoon is voor de ouders.
  • Zorg voor overdracht naar huisarts en JGZ.
  • Wijs ouders op informatie over BRUE op de website van Thuisarts.nl (in ontwikkeling)

Deze samenvatting is bedoeld voor:  kinderartsen en arts-assistenten in opleiding tot kinderarts

En gaat over: de benadering van een kind met een BRUE.

Ja, door NVK bestuur
NVK-richtlijn

De thuisartsinformatie is in ontwikkeling. 

  • Erken de emoties van ouders.
  • Benadruk het onschuldige karakter van een BRUE en benoem de over het algemeen gunstige prognose van kinderen die een BRUE hebben doorgemaakt.
  • Bespreek in het geval van klinische opname van tevoren het doel van de opname en de te verwachten opnameduur met de ouders.
  • Zorg dat er rust en tijd is voor dit gesprek met de ouders.
  • Expliciteer wie contactpersoon is voor de ouders.
  • Zorg voor overdracht naar huisarts en JGZ.
  • Wijs ouders op informatie over BRUE op de website van Thuisarts.nl (in ontwikkeling).